Eric Carle

 

Zie voor meer leuke ideeën: www.lespakket.nl

 

Inleiding

Iedereen kent wel een boek van deze schrijver. Rupsje Nooitgenoeg zal bij veel kinderen bekend zijn. Reden genoeg om Eric Carle eens in het zonnetje te zetten. Want hij heeft nog veel meer leuke boeken geschreven!

Hoek

Aangezien Eric Carle zijn boeken niet alleen schrijft, maar ook nog op een bijzondere manier illustreert, zal een schrijverswerkplaats niet misstaan bij dit thema!

Om verhalen te kunnen schrijven hebben de kinderen papier en schrijfwaren nodig. Leg ook eens bijzondere pennen en papier neer.

Eric Carle maakt de platen in zijn boeken van collages. Hij verft eerst papier in verschillende kleuren en met verschillende technieken. Later knipt hij hiervan de vormen die hij nodig heeft.

Sommige boeken van Eric Carle zijn op cd gezet. Die kun je goed gebruiken in de luisterhoek. Leg opdrachten, kleurplaten en boeken neer, zodat de kinderen tijdens het luisteren het verhaal kunnen verwerken.

De knappe kniptor en andere verhalen ; Eric Carle
 
Rupsje Nooitgenoeg en andere verhalen + CD ; Eric Carle
 

De telboeken van Eric Carle zijn heel goed te gebruiken in een telhoek. Kopieer plaatjes uit de boeken en lamineer ze. Gebruik ze samen met cijfers om de kinderen te laten tellen. Bij Rupsje Nooitgenoeg laat je de kinderen bijvoorbeeld bij het cijfer 1 het plaatje van één appel zoeken. Maak bij 10 Rubber Eendjes een flink aantal eendjes van geel karton. Laat de kinderen achter de cijfers evenveel eendjes leggen.

Rupsje Nooitgenoeg ; Eric Carle
 
Een haan gaat op wereldreis ; Eric Carle
 
10 Little Rubber Ducks ; Eric Carle
 

Knutselen

laat de kinderen papier verven met verschillende technieken. Hier volgen een paar ideeën:

- verf een vel papier helemaal in één kleur (niet te dun), en leg het in een deksel van een schoenendoos. Doe één of twee knikkers in de deksel en laat het kind de deksel heen en weer bewegen. De knikker maakt een patroon in de verf.

- doop een ballon in de verf en stempel hiermee op een vel papier.

- druppel kaarsvet op een vel papier en schilder het papier vol met ecoline. Daar waar kaarsvet zit komt geen ecoline.

- verf een flinke laag en ga er doorheen met een kam. Hiermee maak je patronen in de verf. Hetzelfde kun je doen met je vingers.

- meng verf met lijm en zand, hiermee krijg je textuur.

- meng afwasmiddel en water met ecoline. Laat een kind belletjes blazen (niet zuigen!!). Als er genoeg bellen zijn, kun je voorzichtig een vel papier op de bellen drukken. De ecoline laat patronen achter.

- verf een vel papier vol en stempel patronen in de verf met een schuursponsje.

- gebruik eens een keer een gekleurd vel papier in plaats van een wit.

Van deze vellen papier kunnen de kinderen later een figuur knutselen uit één van de boeken van Eric Carle. Maak bijvoorbeeld Rupsje Nooitgenoeg, De Spin die het te druk had of de Kakelbonte Kameleon.

 

Kringactiviteiten

Lees regelmatig een boek van Eric Carle voor. Je kunt hieraan komen door de bibliotheek in te schakelen, of door een lijst op te hangen voor de ouders met de vraag: wie heeft er boeken van Eric Carle te leen?

Nadat je een stuk of 5 boeken gelezen hebt, kun je kijken wel boek de meeste kinderen leuk vinden. Je legt de 5 boeken in het midden van de kring en je geeft alle kinderen een blokje. Nu laat je alle kinderen één voor één het blokje bij zijn of haar favoriete boek neerleggen. Als alle blokjes er liggen, stel je de vraag: hoe weten we nu welk boek de meeste kinderen gekozen hebben? Sommige kinderen zullen de blokjes willen gaan tellen, anderen zien dat er bij de één meer ligt dan bij de ander. Om het helemaal zeker te weten kun je van alle blokjes een stapel maken. De hoogste stapel heeft de meeste stemmen. Je kunt dit nog visueel maken door een grafiek te maken. Plak op een vel papier plaatjes van de 5 boeken. Laat de kinderen hun naam op een klein vouwblaadje tekenen. Plak deze blaadjes onder het boek van hun keuze. Ook hier geldt: de hoogste rij heeft de meeste stemmen.

Veel boeken van Eric Carle hebben een bijzonder extra-tje. Het boek De spin die het te druk had, heeft bijvoorbeeld voelbare spinnenwebben. Het boek van Rupsje Nooitgenoeg heeft plaatjes met gaten. Het boek Hallo, rode vos (hello, red fox) vind ik zelf heel bijzonder. Er zitten witte bladen in met puntjes. De lezer krijgt de opdracht naar een plaatje van een vos te staren, en daarna naar het puntje te kijken. Op de witte pagina verschijnt dezelfde vos, maar dan in een andere kleur! In de kring kun je bespreken wat voor bijzonders de boeken hebben. Sommige dingen kunnen de kinderen ook namaken. De spinnenwebben kunnen ze maken met sterke lijm. Als die opdroogt, kun je het ook voelen.

Lesideeën

Als je regelmatig een boek van Eric Carle voorleest, kun je bij elk boek andere activiteiten aanbieden. Een paar ideeën:

- bij Het Pannenkoekenboek ga je natuurlijk pannenkoeken bakken. Laat de kinderen zelf het beslag maken. Je kunt het recept verduidelijken dmv pictogrammen. Met ouderhulp en een gasbrandertje (in een veilige omgeving) kom je een heel eind. Controleer wel even of je zulke activiteiten binnen school mag doen. Misschien woont er een ouder vlakbij school die zijn of haar keuken ter beschikking wil stellen?

- bij Een zaadje in de wind kun je verschillende zaden zaaien en kijken hoe de plantjes gaan groeien. De kinderen zullen ontdekken dat zaden overal zijn, zelfs in het fruit dat ze meenemen! Zaad dat snel ontkiemt, is bijvoorbeeld tuinkers. Deze zaden hebben alleen een vochtige ondergrond (bv. watten) nodig, en zijn dus gemakkelijk te zaaien in de klas.

- het boek De Kakelbonte Kameleon leent zich goed voor een gesprek over kleuren. Niet alleen kun je kleuren benoemen met de kinderen (zo groen als gras, zo rood als een brandweerwagen), maar je kunt het ook hebben over de betekenis van kleuren. Als de kameleon verdrietig is, wordt hij grauw en grijs. Je kunt de kinderen een vrolijke tekening laten maken met vrolijke kleuren en een verdrietige tekening met dito kleuren.

- het boek Van top tot teen is goed te gebruiken om lichaamsbesef bij te brengen. In het boek doen kinderen dieren na (op één been staan, net als een flamingo, je nek buigen, net als een giraf, etc). Je kunt hier ook een kringspelletje mee doen. Leer de kinderen eerst 2 dieren na te doen (bv. de giraf en de flamingo). Doe hiermee een reactiespel (als ik flamingo zeg, gaan jullie allemaal op één been staan). Voeg hier steeds nieuwe dieren aan toe.

Rupsje Nooitgenoeg

Ik laat het boek Rupsje Nooitgenoeg zien.Ik vertel dat dit boek Rupsje Nooitgenoeg heet en dat het gaat over een rupsje. Daarna lees ik het voor. Nadat ik het voorgelezen heb vertel ik dat wij zelf rupsje Nooitgenoeg gaan maken. Ik leg kort de opdracht met de sjablonen uit en de opdracht met de rubbings/scheuren met papier

De kinderen reageren hierop. "Hé dat boek ken ik, dat is Rupsje Nooitgenoeg" enz.
De kinderen kijken en luisteren.
(!Na maandag praten een aantal kinderen de tekst mee! Op maandag at hij zich dwars door een appel heen, maar genoeg had hij nog niet. Op dinsdag at hij zich dwars door twee peren heen, maar genoeg had hij nog altijd niet. Op woensdag at hij zich dwars door drie pruimen heen, maar genoeg had hij nog altijd niet. Op donderdag at hij zich dwars door vier aardbeien heen, maar genoeg had hij nog altijd niet. Op vrijdag at hij zich dwars door vijf sinaasappels heen, maar genoeg had hij nog altijd niet.Op zaterdag at hij zich dwars door een stuk chocoladetaart,een ijsje,een zure bom, (dat is een hele grote augurk)een plak kaas, een stuk worst,een lolly,een stuk vruchtencake,een worstje,een taartje en een stuk watermeloen. Op die avond had hij pijn in z'n buik. De volgende dag was het weer een zondag. Het rupsje at zich dwars door een groen blaadje heen.)
De kinderen kijken en luisteren

Ik loop rond en begeleid met name bij tafel C en D.
Bij 5 onderdelen: Om de 20 min. geef ik een signaal dat de kinderen moeten ruilen van tafel.
Bij 4 onderdelen: De kinderen kiezen zelf waar ze heen gaan. Ze mogen een onderdeel maar een keer doen. Op deze manier heb je wel dat een aantal leerlingen maar drie tafels doen omdat ze langzamer/nauwkeuriger werken.

Activiteiten

Beeldende probleemstelling

Groep A Gaat een eitje op een blad maken. Het is nacht en het licht van de maan reflecteert op het eitje.
Groep B Gaat een rups stempelen met verf. De kinderen gebruiken hiervoor de kop van een spijker/ een kurk/ een dekseltje van een potje enz.
Groep C Gaat het eten van de rups, (met gaatjes erin maken). Het eten kan gemaakt worden van geschuurde stukjes papier met rubbings.
Groep D Deze kinderen gaan een cocon maken door sjablonen te gebruiken en uitveegtechnieken.
Groep E De kinderen gaan hier een vlinder maken met alleen de primaire kleuren. Door kleuren te mengen ontdekken zij dat ze zelf meer kleuren kunnen maken.

Vorm (beeldaspecten)hoofdstuk 13

Groep A Ruimtesuggestie op het vlak; Lichtval.Kleurenleer; kleurnuances en -contrasten.Vormen in het vlak; contour en lijn.
Groep B Ruimtesuggestie op het vlak; overlapping, grootteverschilVormen in het vlak; Contour en lijn.Ordenende handelingen: groeperen en rangschikken, construeren.Het effect van ordeningswijzen; herhaling, ritme en patroon.
Groep C Ruimtesuggestie op het vlak; kleur en textuur, plaats in het grondvlak.Ordenende handelingen: groeperen en rangschikken.
Groep D Ruimtesuggestie op het vlak; plaats in het grondvlak, overlapping, grootteverschil.Vormen in het vlak; contour en lijn.Ordenende handelingen; groeperen en rangschikken, construeren.Het effect van ordeningswijzen; herhaling, ritme en patroon.
Groep E Kleurenleer; basiskleuren en mengen.

Betekenis Verhaal / prentenboek:

Gegevens boek:
Rupsje Nooitgenoeg
Eric Carle
Een gottmer-prentenboek
ISBN 90 - 257 - 2216 - 4

Verhaal:'s Nachts lag er, in het maanlicht een eitje op een blad.En toen op een mooie zondagmorgen de zon stralend en warm opging kroop er uit het eitje - Knak!- een hongerige rups.Hij ging op weg om eten te zoeken.Op maandag at hij zich dwars door een appel heen, maar genoeg had hij nog niet.Op dinsdag at hij zich dwars door twee peren heen, maar genoeg had hij nog altijd niet.Op woensdag at hij zich dwars door drie pruimen heen, maar genoeg had hij nog altijd niet.Op donderdag at hij zich dwars door vier aardbeien heen, maar genoeg had hij nog altijd niet.Op vrijdag at hij zich dwars door vijf sinaasappels heen, maar genoeg had hij nog altijd niet.Op zaterdag at hij zich dwars door een stuk- chocoladetaart,- een ijsje,- een zure bom, (dat is een hele grote augurk)- een plak kaas, - een stuk worst,- een lolly,- een stuk vruchtencake,- een worstje,- een taartje- en een stuk watermeloen.Op die avond had hij pijn in z'n buik.De volgende dag was het weer een zondag. Het rupsje at zich dwars door een groen blaadje heen. Het voelde zich nu al veel beter.Hij had geen honger meer, hij had echt genoeg. En hij was nu ook niet meer klein, hij was een grote, dikke rups geworden.En die grote rups bouwde een heel klein huisje voor zichzelf, dat cocon genoemd wordt. Daar bleef hij meer dan twee weken in zitten. Toen knabbelde hij een gat in de cocon, krabbelde naar buiten en…Was een wonderschone vlinder!
verhaallijn/ betekenissen
's Nachts lag er, in het maanlicht een eitje op een blad. Dit verhaal gaat over de transformatie van rups naar vlinder. Dus ook over het ontstaan van een rups.
De kinderen leren de levensloop van een vlinder.
Daarom opdracht A. Het verhaal gaat over de transformatie van rups naar vlinder. De rups is de belangrijkste in het verhaal.
Daarom opdracht B.Een hongerige rups. Hij ging op weg om eten te zoeken.Deze rups eet van alles. Een rupsje heeft veel voedsel nodig voordat hij aan zijn transformatie kan beginnen.
Daarom opdracht B.En die grote rups bouwde een heel klein huisje voor zichzelf, dat cocon genoemd wordt.De cocon is het belangrijkste onderdeel van de transformatie van de rups.
Vandaar opdracht C. Was een wonderschone vlinder! Dit is het eindstadium van de transformatie.
Zie opdracht D.

Materiaal

Groep A Houtskool of potlood (grijs zwart en wit)Wit papier. A4
Groep B Verf (allerlei kleuren in een eierdoos). Kop van een spijkerEen kurkEen dekseltje van een potje enz.Wit papier A4
Groep C Gekleurd papier (sits)Wit A4 om rubbings op te maken.Wasco.Wit papier A4
Groep D Sjablonen.Wasco (met voorkeur Rembrandt krijt)Stoepkrijt.Wit papier A4
Groep E Verf, (rood, blauw, geel)Schoteltjes (om op te mengen)KwastenWit papier A4

Beschouwing beschrijving beeldmateriaal beschrijving beschouwingsvragen

Plaat 1. De maan bij een boom met een blad. Op dat blad ligt een wit eitje.
Plaat 2. De voorkant van het boek. Rupsje Nooitgenoeg.
Plaat 3. Dit zijn een aantal platen.
1. De verschillende soorten fruit (aardbei, sinaasappel enz.)
2. Lekkere dingen (ijs, taart, worst enz.)
3. een groen blad.
Plaat 4. De cocon van Rupsje Nooitgenoeg.
Plaat 5. De vlinder.
Plaat 1. Wat zie je op deze plaat? Kun je Rupsje Nooitgenoeg al zien?
Plaat 2. Wie heeft er ooit een rupsje gezien? Hoe zag deze eruit?
Plaat 3. Wie kent deze soorten fruit? Welke vind jij de lekkerste? Wat vind Rupsje Nooitgenoeg het lekkerste om te eten?
Plaat 4. Waar is de rups gebleven? Wat is een cocon?
Plaat 5. Wie heeft er ooit een vlinder gezien? Hoe zag deze vlinder eruit? Welke kleuren had die vlinder?

Werkwijze

Groep A De kinderen weten dat in het donker lichte dingen meer opvallen. De kinderen maken vaak zelfstandig tekeningen. Bij dit onderdeel is weinig tot geen uitleg nodig.
Groep B De kinderen weten hoe stempels werken. Ze zijn vooral bekend met de letterstempels. Bij dit onderdeel is weinig tot geen uitleg nodig.
Groep C De kinderen zijn (voor zover ik weet) niet bekend met het maken van rubbings. Hierbij zal ik dus het een en ander uit moeten leggen.
Groep D De kinderen kennen de "veegtechniek met sjablonen" niet. Over dit onderdeel moet dus uitleg komen.
Groep E De kinderen weten hoe een vlinder eruit ziet. De meeste kinderen hebben met verf gewerkt. Ze kunnen vanaf een blad bekijken welke kleuren verf ze zelf kunnen maken. Maar natuurlijk kunnen ze ook zelf experimenteren.

Onderzoek

Hoe kan het kind materialen en beeldende aspecten verkennen?

De kinderen kunnen zelf onderzoeken en experimenteren met de materialen die op de verschillende tafels klaar liggen (ze mogen echter alleen de materialen gebruiken die op dat moment op de tafel liggen!).
Ze zijn vrij in de invulling van hun A4 over Rupsje Nooitgenoeg.

 

Nederlandstalige boeken

De spin die het te druk had ; Eric Carle
 
De luiaard die niet lui was ; Eric Carle
 
Papa, pak je de maan voor mij? ; Eric Carle
 
Wil je mijn vriendje zijn? ; Eric Carle
 
De krekel die niet tsjirpen kon ; Eric Carle
 
Het vervelende lieveheersbeestje ; Eric Carle
 
Van top tot teen ; Eric Carle
 
Heeft een kangoeroe ook een mama? ; Eric Carle
 
De kakelbonte kameleon ; Eric Carle
 
De bij en de beer ; Eric Carle
 
Het pannenkoekenboek ; Eric Carle
 
Een zaadje in de wind ; Eric Carle
 
Het eenzame vuurvliegje ; Eric Carle
 
Dichter bij de dieren ; Eric Carle
 
Panda, panda, wat zie jij daar ? ; Eric Carle
 
Knappe kniptor ; Eric Carle
 
Beertje bruin, wat zie jij daar ? ; Eric Carle
 

Engelstalige boeken

Hello, Red Fox ; Eric Carle
 
Walter the Baker ; Eric Carle
 
Little Cloud ; Eric Carle
 
The Secret Birthday Message ; Eric Carle
The Secret Birthday Message
Eric Carle
Dream Snow ; Eric Carle
Dream Snow
Eric Carle
The Art of Eric Carle ; E. Carle
The Art of Eric Carle
E. Carle